Criteria voor een unicompartimentele knieprothese
Niet iedereen met kniepijn is een geschikte kandidaat voor deze ingreep. De medische term voor een halve knieprothese is een unicompartimentele knieartroplastiek. Dit betekent letterlijk dat slechts één compartiment van de knie wordt vervangen. De knie bestaat uit drie delen: het binnenste (mediale), het buitenste (laterale) en het deel achter de knieschijf (patellofemoraal). Wanneer de artrose zich strikt beperkt tot één van deze zones, en de andere delen van het gewricht nog in goede staat verkeren, is de indicatie voor de ingreep optimaal. Een ander cruciaal criterium is de staat van de kruisbanden. Voor het plaatsen van een halve knieprothese is het essentieel dat de voorste kruisband nog intact en functioneel is. Deze band zorgt namelijk voor de stabiliteit van de prothese. Ook moet de knie een goede beweeglijkheid hebben en mag er geen sprake zijn van ernstige misstanden of ontstekingsziekten zoals reumatoïde artritis. De selectieprocedure is streng, maar dit zorgt er juist voor dat de resultaten bij de gekozen patiënten uitmuntend zijn. Het begrijpen van de eigen anatomie en de mate van slijtage helpt bij het nemen van een geïnformeerde beslissing. Een halve knieprothese is immers een precisie-instrument dat alleen werkt wanneer de fundering van het gewricht nog voldoende stevig is.| Kenmerk | Halve Knieprothese | Totale Knieprothese |
| Botverlies | Minimaal (alleen beschadigd deel) | Substantieel (volledige oppervlakte) |
| Litteken | Kleiner (vaak 7-10 cm) | Groter (vaak 15-20 cm) |
| Hersteltijd | Snel (6-8 weken) | Gemiddeld (3-6 maanden) |
| Gevoel van de knie | Natuurlijk (kruisbanden behouden) | Mechanisch (kruisbanden vaak verwijderd) |

